Het managen van diversiteit biedt kansen en uitdagingen. Het is een voortdurende proces, dat kan helpen om de kwaliteit van de organisatie te verbeteren
Het maken van een beleid voor vrouwen, allochtonen, jongeren, gehandicapten, moslims of homo's focust op het wegwerken van achterstanden, waardoor de nadruk ligt op de verschillen met de dominate groep, met als gevolg dat verschillen negatief gewaardeerd worden.Het zijn geen aparte doelgroepen. Niet alle verschillen zijn altijd even belangrijk of doen er altijd evenveel toe. Met andere woorden laat kruispuntdenken het toe om los te komen van het doelgroepgericht denken en handelen waarbij meestal eenzijdig gefocust wordt op één invalshoek, één doelgroepkenmerk als verklaring van maatschappelijke kansen en uitsluitingsrisico's. Het beperkt mensen niet tot één kenmerk, maar houdt juist rekening met de combinatie van verschillende kenmerken en besteeds altijd aandacht aan kruisingen van verschillende maatschappelijke invalshoeken.
Het beleid heeft aandacht voor iedereen en het uitgangspunt is dat iedereen uniek is. Het richt zich op het bestrijden van uitsluitingsmechanismen. Door inzicht te verschaffen in mechanismen die leiden tot uitsluiting, kunnen mensen deze herkennen en problemen in de eigen omgeving veranderen, zodat iedereen de kans krijgt zich te ontwikkelen, te ontplooien en thuis te voelen. Belangrijk is dat je diversiteitbeleid integraal onderdeel is van het organisatiebeleid.