In 1999 was er veer-10-acht-10 (lees: 14-18), het welzijnscongres over kinderen en jongeren. Veer-10-acht-10 kwam er op initiatief van toenmalig minister van welzijn en ter ondersteuning van de komst van de allereerste
minister van jeugd, Bert Anciaux. Tijdens het congres werd stilgestaan bij de leefwereld van kinderen en jongeren en hun toekomstperspectieven. In 2001 verkende 'Strax' de toekomst van het jeugdwerk. Dit congres - meteen de geboorte van
Steunpunt Jeugd - legde de focus op jeugdwerk an sich.
Steunpunt Jeugd constateerde bij de opmaak van de tweede
beleidsnota (2009-2011) dat er in de sector onduidelijkheid was over het begrip '
geïntegreerd jeugdbeleid'. De nieuwe
beleidsnota moest dus zeker aandacht schenken aan de zoektocht naar een duidelijke definitie voor het begrip '
geïntegreerd jeugdbeleid' en een afgelijnde visie voor het hele jeugdwerk en
jeugdbeleid in Vlaanderen.
JET kwam dus 10 jaar na veer-10-acht-10 en 8 jaar na Strax. Het congres wilde een fijnere en duidelijkere rol voor het
geïntegreerd jeugdbeleid in Vlaanderen definiëren en de jeugdsector (en andere sectoren) aanzetten om op een visionaire manier na te denken over nieuwe kansen voor kinderen en jongeren. De focus lag dus op de leefwereld van kinderen en jongeren, de jeugdsector en
geïntegreerd jeugdbeleid.
De zoektocht naar een goeie naam was niet eenvoudig. Even werd met het idee gespeeld om het congres 'Straxxl' te noemen (als vervolg op Strax), maar een creatieve brainstorm leverde een nog betere naam op: "
JET" verwijst onlosmakelijk naar de toekomst en is een acroniem voor een 'Jong en Energiek Toekomstcongres'.
Steunpunt Jeugd organiseerde een omgevingsanalyse met een aantal partnerorganisaties en spilfiguren. Die denkoefeningen leverden een hele waslijst aan bruikbaar materiaal op. Het was een (visionaire) stuurgroep die het kader voor het congres verder ontwikkelde. De stuurgroep kwam tot een mooie lijst van 7 horizonten: (1) Vlaamse Jeugd Gekaderd, (2) Identiteit, (3) Ruimte, (4) Sociaal Welzijn, (5) Educatie, (6) Werk en Economie en (7) Media en Cultuur. Deze thema's kregen bewust de term 'horizont', verwijzend naar 'the sky is the limit' en het toekomstperspectief.
Onder elk van deze horizonten kwamen telkens zes sessies tot stand. Deze sessies benaderden het thema vanuit verschillende invalshoeken. De optelsom leert al gauw dat dit een totaal van 42 verschillende sessies opleverde. Reken daar nog een plenaire openings- en slotsessie bij en je weet dat
JET bestond uit 44 sessies van anderhalf uur. Voor elke sessie werd een werkgroep opgericht die op zoek ging naar mogelijk sprekers, interessante invalshoeken, de juiste werkvorm...
Een aantal sessies werd ook voorgelegd aan studenten van hogescholen. Zowel de Karel de Grote Hogeschool in Antwerpen, de Hogeschool-Universiteit Brussel als de Katholieke Hogeschool Kempen stapten mee in het verhaal. Deze studenten kregen in september de opdracht om tegen het congres een goede sessie uit te werken. Deze piste werd gekozen om het geloof in kinderen en jongeren kracht bij te zetten.
Het resultaat van dit alles was een bonte mix van 44 sessies, gespreid over twee dagen.